slow [adjective/adverb] Iconspeaker_3

"Traag" refers to the slowness of events, people, internet and so on. A more often-used synonym of "traag" is "langzaam". The difference between the two words is that people will choose "traag" if they are starting to get a bit annoyed, whereas "langzaam" can also be a good thing.

– "Hij loopt zo traag als een slak hoewel er niets mis is met zijn conditie." 
("He walks like a snail although there’s nothing wrong with his fitness.")

– "Ik kom echt traag op gang elke dag, vooral nu het nog steeds donker is als ik opsta ‘s ochtends." 
("I really get off to a slow start every day, especially now it’s still dark when I get up in the morning.")

– "Zij is een beetje traag van begrip vandaag omdat ze maar drie uur heeft geslapen vannacht." 
("She’s a bit slow-witted today since she’s only slept three hours last night.")

– "Internet is zo traag vandaag, is er een technische storing ofzo?"  Traag_3
("Internet is so slow today, is there a technical malfunction or something?")

– "<Plaatje:> Graag traag (rijden)".
("<Picture:> (Drive) slowly please.")

– "De bestuurder in de auto voor ons rijdt zo traag als een oma." 
("The driver in the car before us drives as slow as a grandma.")

Related words:
– Langzaam: slow [adjective/adverb].
– Snel: fast [adjective/adverb].
– Traagheid: slowness, tardiness [noun] [de traagheid, no plural].